The American dream

It became to what it really is.

A DREAM!

The characteristic of a dream is that when you experienced one and you (really) wake up,
you will come to the conclusion that it wasn’t real. It was something that was just in your mind and had nothing to do with reality.

But you know what? There are already places where the dream isn’t a dream. Places where it is reality. Places where:

  • Man and women have equal rights.
  • Where everybody has the same changes to become what they want because they have a high standard of free education.
  • Where you don’t need 3 or 4 jobs or work 80 hours a week to lead a “normal” live.
  • Where they have 4-6 weeks payed vacation.
  • Where you don’t put people outside the society because they did something you can’t cope with.
  • Where you don’t need another system or excuse to prolong slavery in a different way.
  • Where they have come clean with the past to become better humans for the future.
  • Where people really care for each other and the summit of that is called free healthcare.
  • There is a place where they don’t have a war on drugs but peace on drugs.

These are the things that are not a dream. These things happen now. And those are the things that really give you the chance to become whatever you want and whoever you want to be. Despite your background or the mistakes you have made. Places where people build a society where they care for each other.

It is what makes people real people.

STOP DREAMING AMERICA!
And start opening your eyes to the rest of the world (you could even use the internet for that). Because reality is what you see with your eyes wide open and not in a dream.

Dank je wel!

Het begon met een interview van Syrische vluchtelingen en de vraag: “En wat vind u van het eten dat u hier krijgt?” Het antwoord was voor mij echt verbijsterend om te horen. Allereerst kregen we een chef-kok te zien die verstelde wat hij op het menu had staan. Ja, er kwam zelfs een voedselmanager (wist u dat dit een echte functie is? Misschien iets voor Jan – lees verderop). Het eten was qua structuur en smaak aangepast naar de behoeftes en wensen van de verschillende culturen die verblijven in het AZC. Het antwoord dat door de vluchtelingen werd gegeven was:

“Het smaakt flauw”.

“Het smaakt niet echt ergens naar”.

“Het is niet wat ik gewend ben”.

“Het is wat weinig vlees”.

“Het lijkt helemaal niet op hoe we het in Syrië maken”.

“Het is niet echt lekker”.

Pardon?! Er is een speciaal menu samengesteld. Er wordt speciaal halal vlees gebruikt. Er wordt speciaal rekening gehouden met de kruiden en specerijen die gebruikt worden. Er wordt gekookt door een chef-kok. Ik….huh……wat……pardon?
Ik kan het dan niet laten dat de gedachte bij mij opkomt waarin ik het allemaal om begin te draaien. Stel dat ik weg zou moeten? Ik vlucht naar Brazilië, India, Engeland, China of Madagaskar. Zou ik daar in een woonwijk of opvang terecht komen met allemaal medelanders? Zal ik daar te eten krijgen? Zou daar iemand op t.v. komen en zeggen: “Yes, we made some cheese with a extra bite because we know the Dutch people like that taste.” Zou ik daar uiteindelijk een woning krijgen, werk zoeken en mijn kinderen naar school kunnen sturen? En ik zou dan niet echt de taal hoeven te leren, want mijn kinderen spreekt die na een aantal jaren vloeiend. En als ik er niet uitkom dan zijn er genoeg hulpinstanties die mij bijstaan. Het feit dat ik met meerdere landgenoten in dezelfde woonwijk zit maakt het ook makkelijker. En gelukkig staat het mij vrij om iedere godsdienst uit te oefenen die ik wil. En tot slot heb ik gelukkig recht op mijn eigen eten en wordt dat allemaal lokaal volgens eigen traditie bereid. Is dit werkelijkheid? Of is dit iets wat alleen mogelijk is in een handelsnatie die door de eeuwen heen zo gevormd is en een eigen cultuur heeft die gekenmerkt wordt door “de klant is koning”? Zal dit dan toch de ultieme vorm zijn van democratie en beschaving? Ik weet dat veel mensen dit soort zaken vaak omdraaien en zo denken. Maar wat ze niet beseffen is dat de grootste bedreiging vaak niet van buiten komt.

Vervolgens zie ik een tijdje later een ander item op t.v. voorbij komen. Het gaat over een Alkmaarse jonge man die zegt niet zo veel met vluchtelingen op te hebben. Het idee van de programmamakers is dat dit te maken zou hebben met onbegrip en onwetendheid van de Alkmaarse jonge man. Dus wat is de oplossing? Juist. Je zet ze samen aan tafel met een tolk er bij en je laat de Alkmaarse jonge man vragen stellen en de vluchteling antwoord geven en zijn verhaal vertellen. De oplossing is dat het begrip dan wel haast als vanzelf moet komen.
Alvorens het gesprek “onder vier ogen” plaats gaat vinden wordt de vluchteling eerst apart geïnterviewd. De man gaf aan dat hij zich een ontheemde voelt. Het moederland belangrijker is dan zijn eigen hart. Dat hij een diepgewortelde boom is die met wortel en al is losgerukt uit de aarde en verplaatst is. Zijn vrouw en kinderen mist die zijn achtergebleven. Ik denk op zo’n moment: “Zodra deze man de kans krijgt wil hij weer terug naar zijn moederland”.
Dan volgt het gesprek en begint de vluchteling tegen de Alkmaarse jonge man te praten. Hij geeft aan dat het eerste dat hij wil is zijn vrouw en kinderen naar Nederland halen. Ik dacht toen gelijk, hij is helemaal niet bezig om terug te gaan. Hij is juist bezig met hoe hij voorkomt dat hij weer uit Nederland weg moet. Voor mij vreemd als je dat afzet tegenover de pijn en gemis die hij beschrijft als hij het over zijn geboortegrond heeft.
Hij vervolgde zijn verhaal en zij dat hij twee plaatsen in schoolbanken zou willen hebben voor zijn kinderen in Nederland. Hij vroeg niet meer dan maar 50 m2 in Nederland om op te kunnen leven. Hij zou bereid zijn om daar heel hard voor te werken.
Ik werd getriggerd door dat laatste en moest ineens denken aan Jan van een eindje verderop in de straat. Hij is door een reorganisatie op straat komen te staan als 45 jarige. Zit nu al 2 jaar zonder baan. Leeft met twee studerende kinderen en zijn vrouw in de bijstand. Is voor zijn gevoel “helemaal afgegleden”. Kon rekeningen niet meer betalen en zit nu in de VKB, heeft € 50,- zakgeld en loopt bij de voedselbank.
Ik weet dat ik het misschien niet mag vergelijken, maar de Syrische meneer heeft denk ik nog nooit gehoord van een reorganisatie. Onwetendheid kan soms ook een zegen zijn. Hij heeft nog het voordeel dat hij kan zeggen dat hij het allemaal niet snapt en niet begrijpt. Hij kan blijven antwoorden in zijn eigen taal. Is straks zijn eigen kinderen nodig om het voor hem te vertalen. En als ze er echt niet uitkomen dan is er altijd nog een ander leger dan hij gewend is en dat is het “leger” van hulpverleners om hem te helpen. Regels en uitzonderingen genoeg die hem dat duwtje in de rug geven om hem te helpen. Ik denk dan: “Jan heeft dat niet. Jan snapt het wel. Jan moet zich aan de regels houden anders wordt hij nog meer gestraft in plaats van geholpen. Jan kunnen ze nog wat afnemen totdat hij op straat staat. En als hij op straat staat komt hij niet in een AZC terecht met zijn gezin of wordt opgenomen door een andere gemeente.”
En natuurlijk denkt die Syrische meneer er niet aan dat er iets bestaat als collegegeld, inkomstenbelasting, gas-, stroom- en waterrekening, onroerendgoedbelasting, afvalstoffenheffing, waterschapsbelasting, gemeentelijk belastingen, wegenbelasting, verzekeringspremies, ziektekostenpremie, milieubelasting. Ik zal hier stoppen. Zoals gezegd, onwetendheid is soms ook een zegen. Misschien bedoelt die Syrische meneer alleen maar voor de periode totdat alles weer veilig is in zijn land. Wie weet.
Nogmaals, ik mag het misschien niet met elkaar vergelijken. En er wordt dan vaak gezegd: “Dat van Jan zijn individuele gevallen.” Ja, dat kan kloppen, maar ze zijn er wel. Het is wel een feit. En mensen brengen dit soort feitelijkheden nu eenmaal met elkaar in verband omdat iedereen wel dit soort situaties uit zijn of haar omgeving kent. En als je ze bij elkaar optelt zijn het er misschien wel meer dan alle vluchtelingen bij elkaar. Alleen krijg ik het idee dat daarvan wordt gedacht: “Die redden zich wel of moeten zich redden, want dat zijn autochtonen en die weten zelf wel hulp te halen en hun zaakjes te regelen. Zij zijn hier tenslotte geboren en getogen en dus weet je beter en dus moet je je aan de regels houden”. De vraag die ik stel is dan, is het dan enkel de massa van het volume van het moment dat hier telt?
En de eigen bevolking begint te morren, te piepen, in opstand te komen als je meer dan duizend asielzoekers plaatst op een populatie van 170 inwoners. Los van wat ik daar inhoudelijk van denk, ik vind het getuigen van bijna totale paniek van de politiek. Het lijkt welhaast op “wegstouwen wat we weg kunnen stouwen”. Al die theorieën en praktijklessen over draagvlak creëren, mensen informeren, iemand “meenemen”, betrekken, serieus nemen, voor vol aanzien, hoor en wederhoor, eerst begrijpen en dan begrepen worden etc. etc.. Ineens lijkt dat er allemaal niet meer toe te doen. Ineens zijn andere belangen belangrijker en vervallen we in de situatie “het doel heiligt de middelen”. En ik kan u verzekeren dat de hiervoor beschreven “zichzelf manifesterend theorie” niet enkel iets is van de politiek en dit moment. Het is helaas mens eigen in vele situaties en omstandigheden.

Terug naar de vluchteling. Als ik dan weer naar diezelfde vluchteling kijk die bereid is geweest vaak tussen de € 5000,- en € 10.000,- te betalen voor de reis naar Europa. Die soms meer dan 5000 kilometer heeft afgelegd met veelal gevaar voor eigen leven. Die bereid was om uit pure wanhoop dit besluit te nemen en daarbij besloten heeft vrouw en kinderen achter te laten. Dan stel ik me voor dat hij hierbij niet over één nacht ijs is gegaan. Dat het een wel overwogen besluit is geweest. Dat je hebt gewikt en gewogen. Dat je het nodige daarvoor hebt moeten regelen en wellicht opofferen. Kortom, het lijkt mij geen impulsief iets. En ja, ik weet dat die er ook wel tussen zitten, maar volgens mij zijn dat de uitzonderingen die de regel bevestigen. Ik wil hier alleen maar mee zegen dat je in mijn ogen niet dom bent als je, punt één tot een dergelijk besluit komt en punt twee er ook nog in slaagt om het succesvol tot uitvoering te brengen. Laat ik zeggen dat je naar mijn maatstaven weg wel wat in je mars hebt. Waarom bekruipt mij dan het gevoel dat als er door deskundigen en “deskundigen” over deze mensen gesproken wordt, als ze eenmaal hier zijn, alsof het mensen zijn die geholpen moeten worden omdat ze zichzelf anders niet goed weten te redden? Er hangt voor mij een beetje rare zweem omheen. En dat vind ik raar. Slachtoffer zijn en iemand zielig vinden dat maakt iemand nog niet minder intellectueel of slim.

Ineens schieten mij ook weer de beelden door het hoofd van de vluchtelingen die op het station vast zaten. Ze kregen eten en drinken aangeboden door vrijwilligers en burgers uit de stad. Maar zodra ze een microfoon onder de neus kregen of er een camera op ze gericht stond begon het geschreeuw over de erbarmelijke omstandigheden.
Ook hier denk ik misschien wel te extreem, maar als je net huis en haard achter je hebt gelaten door vele, vele kilometers te reizen onder soms extreme omstandigheden. Uit een land komt waar alles om je heen kapot is geschoten. De meest verschrikkelijke dingen gebeuren met je eigen landgenoten. Je de laatste jaren nog geen dag veilig hebt gevoeld. Dan ga je toch niet op een plek waar je voorzien wordt van eten en drinken dit soort dingen zeggen? En toch al helemaal niet als je daar 2 dagen bent en de echte erbarmelijke omstandigheden zich in de jaren voordat je überhaupt gevlucht bent echt hebben afgespeeld. Dan ga ik er vanuit dat juist dit mensen zijn die alles in perspectief kunnen zien en weten te relativeren. Als ik mezelf daarin verplaats, en ik weet dat dit lastig is, dan zou ik iets van rust over mij hebben en denken: “Zo! Dit heb ik gered. Ik ben veilig. Er zijn hier vriendelijke mensen om mij heen en ik heb te eten en te drinken. Ik zal nog even geduld moeten hebben, maar ze gaan mij uiteindelijke helpen. Ik snap ook wel dat als er honderden tot tweeduizend mensen mijn dorp of stad binnen waren gelopen, ik ook niet zou weten wat we er ineens mee moesten”.
Ik zou het uit mijn hoofd laten om te gaan schreeuwen dat het allemaal zo niet kan en dat je niet geholpen wordt. Ik vraag me dan tegelijk af. Wat is die mensen dan verteld? Wat zijn dan eigenlijk hun verwachtingen? Wat maakt dan, ondanks de situatie waar ze voor gevlucht zijn en waar ze dan op dat moment in verkeren, dat ze zo reageren? Dat er (bijna) eisen worden gesteld. Dat ergens (bijna) rechten aan worden ontleend. Is het enkel paniek?

Begrijp me niet verkeerd hè. Ik wil ook dat die mensen geholpen worden. Ik vind ook dat een ieder recht heeft op eten, drinken, veiligheid en een dak boven zijn of haar hoofd. De gedachte van mij is misschien te simpel. Maar als je veiligheid geboden wordt, medische zorg, een dak boven het hoofd, eten en drinken en alle hulp die nog niet is genoemd. Dat doel heb je bereikt na duizende kilometers reizen met gevaar voor eigen leven ver van huis en haard en wellicht van vrouw en kinderen. Je komt van een plaats waar een president zijn eigen bevolking beschiet, waar ziekenhuizen en scholen worden beschoten, waar naar jouw idee iedereen met iedereen in gevecht is en waar mensen elkaar de meest verschrikkelijke dingen aandoen en je dagelijks moet vrezen voor je leven. Dan rest je toch maar één ding te zeggen. Welke vraag je ook wordt gesteld. Waar je op dat moment toch ook maar staat in Europa en hoeveel camera’s er ook op je gericht staan of hoeveel microfoons je ook maar onder je neus krijgt. Je kijkt, op het moment dat je ademhaalt om het antwoord te geven, even achterom en zegt dan vol overtuiging recht in de camera kijkend met de blik vooruit: “DANK JE WEL!”